| Inhoudsopgave |
|---|
| De NAVO, instrument voor geostrategische belangen |
| Einde van de Koude Oorlog |
| De NAVO treedt buiten de grenzen |
| Naar een mondiale NAVO |
| Verdere militarisering |
| Conclusie |
| Noten |
| Alle Pagina's |

Door Ludo De Brabander en Georges Spriet
De Noord Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) is in 1949 opgericht. Voor haar aanhangers is het de verdienste van dit militair bondgenootschap dat het een dam kon opwerpen tegen een agressief expansionistisch communistisch systeem dat Europa opnieuw in een oorlog dreigde te storten. Het discours over de oorlogsdreiging vanuit Oost-Europa werd sterk gepopulariseerd in de media. Er werd graag verwezen naar de blokkade van Berlijn, de Koreaanse oorlog, het neerslaan van de Hongaarse opstand, de Praagse lente, enzovoort. Historische uitspraken zoals die van Paul-Henri Spaak met zijn bekende 'nous avons peur'-toespraak voor de derde Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (september 1948) moesten de perceptie van een reële dreiging onderstrepen. De oprichting van de NAVO en de bewapening was in die context broodnodig om de tegenstander af te schrikken en desnoods militair van antwoord te dienen.
Een dieper lezing en analyse van de feiten geeft evenwel een veel genuanceerder en zelfs ander verhaal. De oprichting van de NAVO had veel minder met de externe militaire dreiging van het Oostblok te maken, dan wel met ideologische, economische en geopolitieke belangen.
Niemand minder dan hardliner John Foster Dulles, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken (1953 – 1959) zei dat hij 'geen weet had van een verantwoordelijke hoge militaire of civiele functionaris, in deze regering of elke andere regering, die gelooft dat de Sovjet-Unie nu een verovering plant via een open militaire agressie'. Paul-Henri Spaak deed zijn berucht geworden uitspraak trouwens uit politiek opportunisme. Inmiddels is gebleken dat hij, noch veel van zijn collega's echt geloofden dat er een reële militaire dreiging uitging van de Sovjet-Unie. Spaak was aanvankelijk tegen de oprichting van een Atlantisch Pact omdat het de tweedeling van Europa zou bevestigen. Volgens Spaak had België uit eigenbelang een spoedig herstel nodig van Duitsland en daarvoor was Amerikaanse hulp noodzakelijk.(1)
Het Marshallplan
Dat kwam er in de vorm van het Marshallplan, dat niet uit Amerikaanse altruïsme tot stand kwam, maar om Amerikaanse economische en politieke doelstellingen te verwezenlijken. Een eerste reden moet gezocht worden in de bezorgdheid over de toestand van de Amerikaanse economie. Na de Tweede Wereldoorlog dreigde in de VS een economische crisis als gevolg van het ontbreken van Europese koopkracht. De Amerikaanse Vice-minister van Economische Zaken, Will Clayton, schreef in de lente van 1947 aan de minister van Buitenlandse Zaken, Marshall: 'Wij hebben markten nodig, grote markten waar we kunnen kopen en verkopen.(2)' Dat was in het belang van de ondernemingen op het grondgebied van de VS zelf, als van de VS-ondernemingen in Duitsland die de hele oorlog door hadden geproduceerd. Daarvoor was een grootscheeps West-Europees herstelprogramma noodzakelijk dat de productie- en consumptiecapaciteit zou herstellen. Een tweede, daarmee verband houdende reden was de bezorgdheid dat de Europese economische malaise de invloed van de Sovjet-Unie en de communistische partijen in de afzonderlijke landen zou doen toenemen wat een obstakel zou zijn voor de Amerikaanse kapitalistische ambities.
Duitsland speelde een cruciale rol. De VS waren er van overtuigd dat een Europees herstel er maar kon komen als ook het Duitse economische bestel in het plan zou worden opgenomen. Bij de andere Europese landen leefde evenwel de vrees dat een economisch sterk Duitsland opnieuw een verlengstuk zou krijgen in een militair sterk Duitsland. In Jalta was tussen de leiders van de geallieerden – Roosevelt, Churchill, Stalin – overeengekomen dat de grote Duitse industriële groepen van de Nazi's in voornamelijk het Ruhrgebied zouden ontmanteld worden. Dat zou een behoorlijke streep door de rekening van het Amerikaanse kapitaal en zijn Duitse ondernemingen zijn geweest. President Truman (die de overleden Roosevelt was opgevolgd) deed er alles aan om dit gebied – dat in de Britse bezettingszone lag – onder controle te krijgen. Op 1 januari 1947 kwam er een versmelting van de Britse en de Amerikaanse bezettingszone en was de eerste stap in de richting van een splitsing gezet. Tegelijk werd de Sovjet-Unie een hak gezet die nu net belang had in een eengemaakt, neutraal en gedemilitariseerd Duitsland dat in staat moest zijn herstelbetalingen uit te keren aan Moskou. Het Ruhrgebied was daartoe van essentieel belang. Op de eenzijdige afsplitsing van West-Duitsland waaraan vervolgens ook de Franse zone werd toegevoegd, gevolgd door de installatie van een Duitse regering en de invoering van een nieuwe munt in die zones, reageerde de Sovjet-Unie met een blokkade van Berlijn. De Koude Oorlog werd in Europa een concrete realiteit.
Washington slaagde er in om het wantrouwen in een nieuw sterk Duitsland weg te nemen via een dubbele politiek. Ten eerste door de onderlinge Europese samenwerking te stimuleren en het Marshallplan te laten uitvoeren via een nieuw opgerichte multilaterale organisatie van 16 landen, de Organisatie voor Europese Economische Samenwerking (OEES). Ten tweede door de oprichting van een militair bondgenootschap met de VS dat er in de ogen van de Europese bondgenoten garant voor moest staan dat een mogelijke heropstanding van een militair dreigend Duitsland zou worden verhinderd. Dat de NAVO en de militaire opbouw ook een economische en geopolitieke functie had maakt de volgende uitspraak van de Amerikaanse president Eisenhower duidelijk: 'We zijn verbonden met alle vrije volkeren, niet alleen door een nobel idee, maar vooral door een eenvoudige noodzaak. Een vrij volk kan zich niet langer vastklampen aan een privilege of zijn veiligheid niet langdurig verzekeren door zich op te sluiten in economische afzondering. Ondanks onze materiële macht hebben we de markten in de wereld nodig voor het surplus van onze landbouw- en industriële productie. Voor die productie hebben we ook vitale materialen en producten nodig die van ver van de wereld komen. Die fundamentele wet van interdependentie, die zo manifest is voor de handel in vredestijd, is dat nog duizend keer meer in tijden van oorlog.'(3) Achter het NAVO-schild konden de West-Europese landen met Marshallhulp hun economieën heropbouwen en moderniseren. Op die manier kon het VS-kapitalisme zich ontwikkelen doordat het toegang tot en controle over West-Europa verwierf.
Economische belangen en bewapening
Het Amerikaanse zakenleven zag dus ook op dat vlak brood in het opkloppen van de Sovjet-Unie als directe dreiging. De voorzitter van de General Electric Cooperation toonde zich opgetogen over de economische resultaten die de oorlogssituatie had opgeleverd en pleitte voor een permanente oorlogseconomie via een blijvende alliantie tussen het zakenleven en de krijgsmacht.(4) Truman en zijn regering deden hun uiterste best om een koudeoorlogssfeer te scheppen. De propaganda die meteen na de Tweede wereldoorlog en tijdens de Koreaanse oorlog een klimaat van angst en zelfs hysterie rond het communisme creëerde, mondde uit in gigantische militaire bestellingen die de VS-economie een enorme stimulans gaven. Het resultaat was dat de VS-regering weinig weerstand kreeg tegen haar politiek van herbewapening. De hoge defensie-uitgaven mondden uit in grote militaire bestellingen bij de wapenindustrie. In 1955 was het militaire budget van de VS opgelopen tot 40 miljard dollar op een totale begroting van 62 miljard dollar. De bedrijven die voor defensie produceerden verdienden fortuinen. Twee derde van de militaire bestellingen kwam bij de slechts twaalf reusachtige vennootschappen terecht, die uitsluitend produceerden voor de militaire bestellingen van de regering. Dat ging zover dat president Eisenhower in zijn afscheidsrede in januari 1961 waarschuwde voor de macht van het militair-industrieel complex. Hoewel hij vond dat de VS verplicht was om een permanente oorlogsindustrie op poten te zetten, stelde hij dat 'we waakzaam (moeten) zijn voor de ongeoorloofde invloed, al dan niet gezocht, van het militair-industrieel complex.'(5)
Vanaf 1955 zou Duitsland lid worden van de NAVO, wat het begin inluidde van de institutionalisering van de Koude Oorlog. Negen dagen later reageerde de Sovjet-Unie met de oprichting van het Warschaupact met de Oost-Europese communistische staten.
Een jaar later zou de Noord-Atlantische Raad, het hoogste besluitvormingsorgaan van de NAVO, een resolutie aannemen om een expertenrapport goed te keuren waarin aanbevelingen werden geformuleerd voor politieke, economische en culturele samenwerking. In een duidelijke verwijzing naar de communistische economieën sprak dat rapport over een '... een beleid dat onder voorwaarden van competitieve coëxistentie, de superioriteit zal aantonen van vrije instellingen in het promoten van menselijke welvaart en economische vooruitgang' (6). De resolutie stelde daarenboven in bedekte termen de uitbreiding van de toepassingszone van het Verdrag voor naar de hele wereld, omdat de invloed en de belangen van de leden van de NAVO ernstig in het gedrang konden komen buiten de zone. De NAVO kreeg daarmee ook formeel een economische opdracht mee, namelijk de ondersteuning van de vrije markt.
Op initiatief van David Rockefeller werd in 1973 de Trilaterale Commissie opgericht die het anti-Sovjetisme een duw in de rug zou geven en tot een hechtere samenwerking moest leiden tussen de VS, Europa en Japan. De Commissie wilde via een tricontinentaal kapitalisme de ideologische, politieke en economische bedreiging van het communisme en de revolutionaire bewegingen in de derde wereld een halt toeroepen, via een internationalisering en uitbreiding van het kapitalisme. De leden van deze elitegroep kwamen uit de allerhoogste politieke en economische kringen van de drie continenten. Dit denkspoor kreeg helemaal de wind in de zeilen toen stichtend lid, president Jimmy Carter, Zbigniew Brzezinski tot veiligheidsadviseur benoemde en die al was aangezocht door Rockefeller om de Trilaterale Commissie te helpen oprichten. Brzezinski werkte aan de normalisering van de relaties met de Volksrepubliek China. Tegelijk daagde hij de Sovjet-Unie uit door het bewapenen van de mujaheddin in Afghanistan in hun gevecht tegen de Moskougezinde regering dat de militaire hulp van de Sovjet-Unie had ingeroepen.
De VS-politiek binnen en buiten de NAVO zou grotendeels gestalte krijgen langs de lijnen zoals die zijn uitgezet door Brezinski. Later zou hij zijn strategie uiteenzetten in zijn boek The Grand Chessboard (zie verder). In Europa moet de VS-aanwezigheid geconsolideerd blijven als bruggenhoofd voor Amerikaanse geostrategische en economische belangen. Rusland moet buitenspel worden gezet, wat aardig lukte met zijn steun voor het verzet in Afghanistan wat de Sovjet-Unie behoorlijk in de problemen bracht. Het uiteenvallen van de Sovjet-Unie begin jaren negentig maakte de weg vrij voor de Great Game rond de olie- en gasrijke Centraal-Aziatische regio. Afghanistan zou voor de ontsluiting daar in een latere fase een cruciale rol in vervullen.












