Vrede

Switch to desktop Register Login

Vrede vzw

onafhankelijkheid van Kosovo

De meerderheid van de Kosovaarse bevolking wil onafhankelijkheid. Deze nieuwe staat heeft weinig troeven om echt zelfstandig te zijn: NAVO-troepen, EU-administratie, economisch debacle. Daar de scheiding niet met wederzijds akkoord gebeurt, en aan Servië wordt opgedrongen, creëert men een gevaarlijk precedent en negeert men bestaande VN-resoluties.

Georges Spriet

 

De meerderheid van de Kosovaarse bevolking wil deze onafhankelijkheid. Het Westen speelde daar handig op in. Er komt nu een nieuw land op de kaart, dat op korte termijn er niet in zal slagen lid te worden van de VN, en dat weinig troeven heeft om echt zelfstandig te zijn: NAVO-troepen, EU-administratie, economisch debacle. Daar de scheiding niet met wederzijds akkoord gebeurt, en aan Servië wordt opgedrongen, creëert men een gevaarlijk precedent en negeert men bestaande VN-resoluties

 

Servië moest de controle over haar provincie Kosovo prijs geven in juni 1999 na 78 dagen bombardementen vanwege de NAVO. Hoewel deze oorlog in weerwil van de Verenigde Naties werd gevoerd – de Veiligheidsraad had immers geen toestemming gegeven – heeft de wereldorganisatie wel met resolutie 1244 de toestand geregulariseerd door Kosovo onder het beheer te stellen van een VN-missie (UNMIK) en de NAVO het recht te verlenen om er een militaire aanwezigheid uit te bouwen (KFOR). Er was tevens een politiek proces voorzien dat tot doel zou hebben om het toekomstig statuut van Kosovo te bepalen, waarbij de 'soevereiniteit en territoriale integriteit' van Servië gegarandeerd werd. Servië was toen een van de twee componenten van wat er toen nog overbleef van de Federale Republiek Joegoslavië.

 

statuut

UNMIK hield al die jaren vast aan een beleid waarin eerst democratische normen in praktijk moesten worden gebracht vooraleer er sprake kon zijn over het statuut van het gebied: “eerst de normen dan het statuut”. De meeste van de vooropgezette normen werden echter nooit gehaald. Specifiek op het vlak van de mensenrechten bleef het wringen (de niet-Albanese bevolking verdreven of opgesloten in ghetto's) en ook qua justitie (totale straffeloosheid voor oorlogsmisdadigers en leden van de georganiseerde misdaad).

 

In oktober 2005 leverde de Noorse diplomaat, Kai Eide, een rapport af dat een sinistere stand van zaken schetste. Paradoxaal genoeg concludeerde hij dat het bepalen van het statuut nu voorrang moest krijgen op de democratische normen. Dit heeft de situatie niet bepaald verbeterd, waar nog eens zware economische problemen boven op kwamen: Kosovo heeft de hoogste werkloosheidscijfers van Europa.(1)

 

De aanbeveling van Eide werd door de Servische regering en de Albanese autoriteiten van Pristina opgevolgd en in maart 2006 startten de onderhandelingen over het toekomstig statuut van Kosovo. Beide partijen stonden lijnrecht tegenover elkaar. Pristina neemt alleen genoegen met een onmiddellijke onafhankelijkheid, Belgrado is bereid om Kosovo een grote autonomie te verlenen echter binnen het respect voor de Servische territoriale grenzen. De onderhandelingen bleven zonder resultaat. De VN had een speciale vertegenwoordiger aangesteld om het proces te begeleiden, de Fin Martti Athisaari, die nog in 1999 met de toenmalige Joegoslavische president Milosevic had onderhandeld over het einde van de bombardementen en resolutie 1244. Athisaari stelde in zijn rapport aan de Veiligheidsraad in maart 2007 voor om Kosovo een “onafhankelijkheid-onder-toezicht” te bieden, een stelling die hij ook al had gelanceerd voor de start van de onderhandelingen.

 

Volgens zijn plan zou Kosovo alles hebben van een onafhankelijke staat, maar zou wel onder bezetting van NAVO-troepen blijven, die ook het nieuwe Kosovaarse leger zouden opleiden. UNMIK zou vervangen worden door een EU-administratie, die functies van 'omkadering, bewaking en raadgeving' voor civiele en politionele zaken op zich zou nemen.

 

afscheiding

Tussen mei en juni 2007 werden zes ontwerp-resoluties over het plan Athisaari in de Veiligheidsraad tegengehouden door Rusland. Moskou verdedigt het principe dat een oplossing door beide partijen moet worden aanvaard, en wil niet dat Belgrado iets op eenzijdige wijze wordt opgedrongen. Bovendien meent Moskou dat er geen enkele reden kan zijn dat deze aanpak van het Kosovo-vraagstuk niet als precedent zou dienen voor bijvoorbeeld de zogenaamde 'bevroren conflicten' van de ex-USSR waar verschillende pro-Russische entiteiten eveneens kandidaat zijn voor onafhankelijkheid. Om uit de impasse te geraken zette de Veiligheidsraad een 'troïka' op met de VS, Rusland en de EU, die de 'ultieme onderhandelingen' moesten begeleiden en tegen 10 december 2007 een rapport afleveren aan de algemeen-secretaris van de VN.

28 september 2007 startten de onderhandelingen tussen Belgrado en Pristina opnieuw, met etappes in New York, Wenen, Brussel. Er kwam geen vooruitgang in de besprekingen en de Albanese leiders van Kosovo kondigden aan dat ze op korte termijn (rond nieuwjaar) de onafhankelijkheid zouden uitroepen, met of zonder toestemming van de VN-Veiligheidsraad. De EU en Rusland wilden daar niet van weten, maar de Verenigde Staten lieten horen dat ze bereid waren een oplossing te vinden buiten de VN, en dus dat ze een onafhankelijk Kosovo zouden erkennen.

 

Een aantal lidstaten van de EU is bevreesd voor een ' secessionistische besmetting', maar over het algemeen zou er overeenstemming bestaan om een onafhankelijkheid-volgens-de-regels, d.w.z. via een VN-resolutie, te kunnen erkennen. Spanje, Roemenië, Cyprus en ook Slowakije, zijn bij diegenen die de grootste reserves uitspreken bij een eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring. Ze halen argumenten aan van internationaal recht, of beroepen zich op hun beleid om de banden met Servië niet te verslechten, maar ze zijn vooral bezorgd voor de mogelijke gevolgen in hun eigen land, waar de centrale overheid moet kampen met het ernstig onafhankelijkheidstreven van bepaalde gebieden, of de facto situaties zoals Turks Cyprus.

 

compromis?

Duitsland heeft al jaren een grote invloed in de Balkan. Eind 1991 erkende het eenzijdig de onafhankelijkheid van Kroatië, wat de deur open zette voor de oorlog in Bosnië-Herzegovina. In 1996 bewapenden de Duitse geheime diensten het Kosovaars Bevrijdingsleger (UCK). In het Servisch antwoord op de UCK-guerilla-activiteiten vond de NAVO de verantwoording voor de oorlog van 1999. Sedert Rambouillet zijn de VS wel de betere vrienden van Pristina (met intussen een enorme militaire VS-basis in Kosovo, Camp Bondsteel), maar Duitsland blijft op sleutelposities zitten: de Duitser Joachim Rücker heeft de leiding van UNMIK, Duitsland staat met z'n 2.500 soldaten in voor de ruggengraat van KFOR, en de Duitse diplomaat Wolfgang Ischinger – voormalig Duits ambassadeur in Washington – is de EU-vertegenwoordiger in de troïka.(2)

 

In 2007 leek de Duitse positie toch lichtjes anders dan in de jaren 1990. Kennelijk wilde men Rusland niet teveel voor het hoofd stoten, en Berlijn leek een compromis te willen bereiken. In augustus kondigde Ischinger aan dat een opsplitsing van Kosovo, waarbij het noorden bij Servië zou blijven en de rest onafhankelijk zou worden, niet a priori valt uit te sluiten. Washington en Pristina hebben dit onmiddellijk verworpen, en Belgrado herhaalde niks van zijn grondgebied te willen afstaan. Nochtans blijft dit idee, naar verluidt, rondzweven in diplomatieke kringen.

 

Opvallend in het hele gebeuren is dat men weinig of geen aandacht leek te hebben voor het Servische voorstel. Belgrado presenteerde uitgewerkte plannen die de territoriale integriteit koppelen aan autonomie, volgens het model van Hong Kong. Maar zeker sedert de verkiezingen in Kosovo wil Pristina niets anders dan totale onafhankelijkheid op zeer korte termijn. Natuurlijk is deze houding van het Westen niet nieuw. Men heeft Servië altijd al beschouwd als een sta-in-de-weg voor de westerse dominantie. Een staat waar de privatiseringen ontsnapten aan de westerse gretigheid. Het is voor de VS ook een interessant dossier gebleken om sterker te worden in Centraal-Europa tegen de oude West-Europese (en vooral Duitse) invloed. Vooral sedert de Amerikaans-Servische miljonair Milan Panic de presidentsverkiezingen van december 1992 niet kon winnen tegen Milosevic , is Belgrado nog meer de baarlijke duivel geworden. Kosovo heeft wel wat in de ondergrond zitten: bruinkool, lood, zink, zilver, chroom, ijzer, nikkel. De regio is ook interessant als eventuele doorgang van pijpleidingen om gas en olie uit de Kaukasus naar het westen te brengen (mogelijke aftakkingen van de Nabucco-lijn en/of South Stream). Een manipuleerbare politieke entiteit is dan handiger dan een staat met eigen beleid. De analyses van de zogenaamde onverzoenlijke Servische houding in Rambouillet (1998) gaan allemaal voorbij aan het feit dat de NAVO er een totale vrijgeleide in voorzag voor haar troepen op het ganse grondgebied van Servië, bijvoorbeeld. Vandaag is deze 'onafhankelijkheid-onder-toezicht' ook een ideale gelegenheid voor de NAVO om haar bestaansnut te bewijzen. Met andere woorden: een politiek van protectoraten kan niet zonder de NAVO.

 

Thaci (3)

De nieuwe sterke man van Kosovo, Hashim Thaci, is geen onbesproken persoon. Er wordt in documenten van Interpol en van het Amerikaanse Congres verwezen naar banden tussen Thaci en de georganiseerde misdaad. De Washington Times publiceerde in mei 1999 volgende bevindingen. “Bepaalde leden van de UCK, die haar oorlog financierde door heroïneverkoop, werden getraind in terroristenkampen onder leiding van Bin Laden in Afghanistan, maar ook in Bosnië-Herzegovina en elders. Er zouden islamitische terroristen meevechten met de UCK.” Hashim Thaci werd in juli 2003 door Interpol opgepakt maar moest onmiddellijk worden vrijgelaten op vraag van UNMIK. Volgens Vladan Batic, toen Servisch minister van justitie, zou het Joegoslavië-tribunaal van Den Haag over een zwaar dossier beschikken tegen hem. Volgens berichten van het Joegoslavische persbureau Tanjug gaf Madeleine Albright, toen minister van buitenlandse zaken van de VS, reeds in april 2000 onderzoeksrechter Carla del Ponte de opdracht om Hashim Thaci van de lijst met verdachten van oorlogsmisdaden te schrappen. Del Ponte maakte het officieel met de melding dat er te weinig bewijzen waren tegen Thaci om hem van oorlogsmisdaden te beschuldigen..

 

internationaal recht

Volgens Olivier Corten van de ULB kan men zich niet beroepen op het internationaal recht om het eenzijdig onafhankelijk verklaarde Kosovo te erkennen.(4)

 

Hij stelt vooreerst dat volgens het internationaal recht alleen volkeren die in een koloniale of post-koloniale situatie leven het recht op zelfbeschikking kunnen inroepen. Dit wil zeggen, volkeren die op een grondgebied leven dat geografisch gescheiden is van de metropool. Er bestaat geen recht op afscheiding voor minderheden die op het grondgebied van een staat leven. Dit is een algemeen aanvaard en niet gecontesteerd principe, volgens Corten.

 

Een tweede punt betreft de internationaal-rechtelijke definitie van een staat. Drie elementen zijn noodzakelijk: een grondgebied, een bevolking en een 'soevereine' regering. In de praktijk zijn afgescheiden entiteiten 'soeverein' geworden nadat de oude centrale staat instemde (Bangla Desh, de voormalige Sovjet-republieken, de voormalige Joegoslavische republieken). Voor Kosovo bestaat dergelijke instemming niet, en de soevereiniteit kan ook niet zonder de NAVO. Dus is dit Kosovo geen onafhankelijke staat zoals het internationaal recht dat ziet.

 

Een derde punt is VN-resolutie 1244 die over autonomie spreekt voor Kosovo binnen de territoriale integriteit van de Federale Republiek Joegoslavië. In het plan Athisaari is een onafhankelijkheid-onder-toezicht aangekondigd. Maar dit plan heeft geen VN dekking gekregen.

 

De erkenning van de eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo is dus een louter politieke zaak, en kan op geen enkel punt gestaafd worden door het internationaal recht. Zo besluit professor Corten zijn betoog.

 

gevolgen

De eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring negeert VN-resolutie 1244, waarin de territoriale integriteit van Servië wordt gegarandeerd. Als de VS en EU deze resolutie naast zich neerleggen, is dit de zoveelste kaakslag voor het VN-handvest. De EU gaat in het onafhankelijke Kosovo de rechtstaat helpen uitbouwen, heet het, maar het doet dat door het internationaal recht compleet met de voeten te treden.

Een land is onafhankelijk als de rest van de wereld het als dusdanig erkend. Puntland in noordwest Somalië, bijvoorbeeld, verklaarde zichzelf onafhankelijk maar dit werd door de 'internationale gemeenschap' genegeerd. Met een erkenning vanwege de meeste EU-lidstaten, de VS en Canada zou Kosovo al een eind opgeschoten zijn natuurlijk. Van Servië en Rusland is het standpunt gekend. Lid worden van de VN zal wat moeilijker liggen met het vetorecht van Moskou...

 

Er zijn heel wat gevaren en gevolgen verbonden aan de erkenning van een eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring. Wat zijn VN-resoluties nog waard? Welke tegenmaatregelen heeft Belgrado in petto? Hoe zal de Servische minderheid in Kosovo reageren? Hoe zal men in de andere buurlanden reageren? Worden de grenzen van andere voormalige Joegoslavië-republieken opnieuw in vraag gesteld door Albanezen van Macedonië, Albanezen in Montenegro, Kroaten en Serviërs in Bosnië-Herzegovina..? Wat met de ideeën rond Groot-Albanië? Zoals reeds gesteld meent Moskou dat Kosovo geen unieke situatie betreft en dat dit dossier als precedent zou kunnen dienen voor andere probleemgebieden: Transdnjestrië, Abchazië, Zuid-Ossetië, de Krim? Wat met Turks Cyprus? Om slechts deze te noemen.

 

georganiseerde failed state

Het Westen zal dus een staat gaan erkennen die tot stand is gekomen door NAVO-bombardementen,door etnische zuivering, met beleidsmensen die banden hebben met de georganiseerde misdaad, door propaganda, het negeren van een VN-resolutie, en een absolute weigering om ook maar het kleinste compromis te aanvaarden vanwege relevante betrokkenen. (5)

 

Het westers voogdijbestuur over Kosovo van de laatste 8 jaar kan helaas geen fantastisch palmares voor leggen. Kosovo wordt algemeen bekeken als een gebied waar de georganiseerde misdaad vrij kan opereren. De 'omgekeerde' etnische zuivering van augustus 1999 – waarbij 200.000 Servische en Roma inwoners van Kosovo het slachtoffer werden - kan ook moeilijk als goed bestuur en respect voor mensenrechten worden bestempeld. Kosovo bestaat vandaag uit een reeks van gescheiden gemeenschappen, waarbij de minderheid van Serviërs en andere volkeren in ghetto's leven. De economie van Kosovo produceert bijzonder weinig, de zwarte markt is wijd verspreid. De elektrische stroom valt gedurende uren per dag uit. Werkloosheid draait rond de 70 procent. Voeg daarbij dat er tegen sommige leiders zware beschuldigingen van oorlogsmisdaden bestaan, dan komen we aan alle ingrediënten van een mislukte staat, nog voor het gebied zich als onafhankelijke staat op de kaart zet. Dat alles ondanks de miljarden dollar die er sedert 1999 werden aan besteed.(6)

 

Nochtans meten de westerse leiders zich – na de 8 jaren van mislukt beheer - het recht toe om op die lijn verder te gaan. De EU heeft de overname van de UNMIK al volledig voorbereid. Men wil binnen de 4 maand een missie naar Kosovo zenden van meer dan 2200 personeelsleden, om het gerechtelijk en politioneel apparaat te bevolken: rechters, politie maar ook secretariaatsmensen en douaniers. Wellicht spreken die allemaal vlot Albanees? Of krijgt het nieuwe Kosovo toch een stevige economische groeisector in het tolkenberoep?

 

Eigenlijk lijkt men overtuigd dat deze nieuwe staat niet de mogelijkheden bezit om zichzelf te organiseren, en moet men daarom NAVO-troepen en EU-personeel blijven inzetten. Zouden we dat vroeger niet de kroniek hebben genoemd van een aangekondigde kolonisering? Nu heet dat onafhankelijkheid.

 


(1) Georges Berghezan: Kosovo, statut embourbé en terrain miné. Le drapeau rouge, décembre 2007 n°20

(2) idem

(3) Michel Choussodovsky: Kosovo Prime Minister Hashim Thaci is part of a criminal syndicate www.globalresearch.ca

(4) Olivier Corten: La reconnaissance prémature du Kosovo: une violation du droit international. Carte Blanche, Le Soir 20 février 2008

(5) Jan Oberg: Kosovo, failed international conflict management www.transnational.org

(6) idem

 

 

Kent u VREDE, tweemaandelijks tijdschrift voor internationale politiek al? Ging je al 's naar het digitaal archief van het tijdschrift?