Artikel
Ludo De Brabander
Printvriendelijke versie
Naar een langdurige opdeling van Syrië?

Naar een langdurige opdeling van Syrië?

Wat na Idlib? Als deze enclave terug in handen valt van Damascus volgt de vraag of er een diplomatieke uitweg bestaat voor de toekomst van Syrië. Buitenlandse machten kiezen echter voor hun eigen belangen waardoor het land dreigt af te stevenen op een langdurige opdeling.

Het Syrische leger en zijn bondgenoten zijn gestart met artillerie-beschietingen en luchtbombardementen tegen de noordelijke enclave rond Idlib die onder controle staat van een mengelmoes van voornamelijk gewapende jihadisten. Die hebben zich in augustus verenigd in een Nationaal Bevrijdingsfront met Ahrar al-Sham and Nureddine al-Zinki (beide machtige extremistische groeperingen). Daarnaast is er ook nog Hay'at Tahrir al-Sham (al Qaida) dat onder druk van Turkije buiten de nieuwe militaire alliantie wordt gehouden, maar waarmee Ankara toch de communicatielijnen openhoudt. Het Turkse leger heeft in Idlib 12 militaire controleposten opgezet omdat de enclave in een overeenkomst met Teheran en Moskou een jaar geleden tot ‘de-escalatiezone’ is uitgeroepen. Met het nakende grondoffensief klinkt dat nogal cynisch. Ondertussen zijn de Syrisch Democratische Strijdkrachten, een progressieve alliantie met o.m. de Koerdische Volksbeschermingseenheden YPG een offensief gestart tegen de laatste IS-enclave in Noord-Syrië (met de stad Hajin), aan de grens met Irak. Ze krijgen daarvoor de steun van een internationale coalitie rond de VS en Irak.

Als beide offensieven slagen in hun opzet, dan is het grootste deel van Syrië terug onder controle van het centraal gezag in Damascus. Daarnaast gaat goed een kwart van het grondgebied door het leven als Democratische Federatie van Noord-Syrië. Daar is een autonoom bestuur gevestigd volgens de principes van het Democratisch Confederalisme (geïnspireerd op de geschriften van de gevangen PKK-leider en ideoloog Abdullah Öcalan).

Buitenlandse rivaliteiten bepalen Syrische toekomst

Het zullen bloedige weken worden. De Syrische burgerbevolking zal zoals de afgelopen jaren het slachtoffer worden van een cynische internationale machtspolitiek en het onvermogen van de VN om het conflict te beslechten via onderhandelingen. Internationale machten handelen volgens een eigen agenda. Moskou heeft het gasrijke Syrië nodig als enige Russische steunpunt in een geostrategische regio. Het is bezig met de uitbreiding van de militaire faciliteiten voor een permanente langdurige aanwezigheid in het land. Teheran heeft het regime o.m. nodig als bruggenhoofd voor steun aan de Sjiitische Libanese militie Hezbollah. Het is in heel de regio in een machtsstrijd verwikkeld met de ‘soennitische as’ onder leiding van Saudi-Arabië. Dat laatste land voert met de steun van het Westen een bloedige oorlog uit in Jemen en levert al jaren wapens aan radicale jihadistische milities in Syrië. De VS levert militaire steun aan de SDF in de strijd tegen IS en heeft ook militaire basissen in het noordoosten van het land opgericht. De VS maakt er geen geheim van dat het zich voorbereidt op een langdurig verblijf o.m. gericht tegen de machtsuitbreiding van Iran. Uiteraard speelt ook hier de rivaliteit met Rusland, en in toenemende mate met NAVO-bondgenoot Turkije. Dat land bezet een belangrijke strook grensgebied in het noordwesten van het land. In samenwerking met door Ankara getrainde en gefinancierde jihadistische milities veroverde het Turkse leger de Koerdische enclave Afrin zonder dat er veel internationaal protest weerklonk. Nochtans ging het over een brutale militaire invasie met honderden doden en gewonden, etnische zuiveringen en grootschalige plunderingen. Erdogan beweerde dat deze oorlog tegen de ‘PKK-terroristen’ nodig was omwille van de veiligheid van Turkije. Diezelfde Erdogan schrijft nu in The Wall Street Journal dat het Westen een verantwoordelijkheid heeft om een ‘bloedvergieten’ in Idlib te vermijden. Dat geldt ook voor Moskou en Teheran die een ‘humanitaire ramp’ moeten vermijden. "Onschuldige burgers mogen niet opgeofferd worden in de naam van de strijd tegen het terrorisme”, aldus de Turkse president die er in eigen land en in de strijd tegen de PKK een heel andere opvatting huldigt. Erdogans ‘noodkreet’ komt er nadat hij er niet in slaagde om een staakt-het-vuren in Idlib af te dwingen in een topontmoeting met Iran en Rusland.

Langdurige opdeling van Syrië

Het is nog maar de vraag of na beide offensieven eindelijk ruimte vrijkomt voor een diplomatieke aanpak van het Syrische conflict. Het lijkt er eerder op dat de toekomst van Syrië zal bestaan uit een langdurige opdeling van het land met een consolidatie van buitenlandse machten in de verschillende delen. De Syrische president Al-Assad zit stevig in het zadel. De doelstellingen van de sterk versplinterde oppositie en haar buitenlandse bondgenoten voor een regimeverandering zijn mislukt. Maar dat wil daarom niet zeggen dat ze zich definitief gewonnen geeft en bijvoorbeeld kan kiezen voor een guerrilla-oorlog of terreuraanslagen. In het noorden van het land blijft de dreiging van Turkije heel groot en in die ‘overlevingsstrategie’ bevinden de strijdkrachten (SDF) van het Autonoom Bestuur van de ‘Federatie’ zich in een eerder onnatuurlijk bondgenootschap met de VS. Turkije beschouwt de noordelijke Democratische Federatie als een vehikel van de PKK. De VS daarentegen maakt een onderscheid tussen de PKK en haar zusterbeweging YPG (onderdeel van wat een van de redenen is waarom de relatie tussen beide bondgenoten zo slecht is. De VS lijkt opportunistisch te kiezen voor een permanente aanwezigheid in Noord-Syrië. De VS wil absoluut vermijden dat de as Damascus-Teheran-Moskou-Hezbollah haar macht nadien ook vestigt in het noorden, of dat nu op militaire wijze of na een akkoord is.

De Turkse president Erdogan die waarschuwt voor een ‘humanitaire catastrofe’ ziet vooral zijn eigen ambities de grond ingeboord om Idlib eventueel mee aan te hechten aan de grensgebieden die zijn leger al bezet om er een soort van vazalstaat van te maken. Het Turkse leger heeft zich ook al stevig genesteld in Noord-Irak en controleert zo een belangrijk gebied dat volgens een Nationaal Pact uit 1920 – waar hij geregeld naar verwijst – aan Turkije toebehoort. Ankara vreest bovendien dat na de val van Idlib de door Turkije bezette grensgebieden wel eens het volgende doelwit kunnen vormen.

Israëlische steun aan gewapende oppositie

In het zuiden is ook Israël bezig om zijn invloed uit te breiden. Onlangs bevestigde het Israëlische leger (IDF) de geruchten dat Israël al jarenlang wapens en geld doorsluist naar gewapende islamistische Syrische rebellengroepen. Volgens Foreign Policy vinden de wapenleveringen al sinds 2013 plaats aan minstens 12 rebellengroepen en heeft het hen zelfs luchtsteun verleend bij gevechten tegen IS in de grensstreek.

Het gaat om een typisch voorbeeld van een proxy war: Israël gebruikt de gewapende islamisten als buffer tegen Hezbollah en Iraanse milities, maar vooral ook om de bezetting van de Golan-Hoogte te consolideren en wellicht liefst zelfs uit te breiden door akkoorden te sluiten met rebellengroepen in de regio (zoals dat eerder al gebeurde in Zuid-Libanon). Het nieuws van de Israëlische steun aan de gewapende oppositie volgt een week na de officiële aankondiging van het Israëlische leger dat het het afgelopen anderhalf jaar meer dan 200 luchtaanvallen boven Syrië uitvoerde. Van diplomatiek protest op deze Israëlische schendingen van het Syrische luchtruim is geen sprake.

Het Syrische grondgebied is zo al jaren een speelveld van de agenda's van buitenlandse machten die er het internationaal recht verder helpen reduceren tot een vod papier.

 

 

steun ons

© 2018 vrede vzw - website by