Artikel
Georges Spriet
Printvriendelijke versie

Onherroepelijk op weg naar een gevaarlijke opwarming van de aarde?

Het Internationaal Energie Agentschap presenteerde op 9 november zijn World Energy Outlook 2011. De synthese is duidelijk: de wereld sluit zichzelf op in een niet duurzame energietoekomst, een evolutie die verreikende gevolgen kan hebben. Al wat we vandaag bouwen dat koolstof produceert zal dat nog blijven doen de komende tientallen jaren, waardoor het traject naar een klimaatverandering dreigt onomkeerbaar vast te worden gelegd.

Het IEA is een intergouvernementele organisatie die bestaat uit 26, voornamelijk Westerse, landen. Zijn rol is om problemen te coördineren in tijden van een tekort aan olie. Het IEA adviseert de lidstaten maar onderhoudt ook contacten met andere landen, zoals Rusland, China en India. Volgens deze recentste Outlook is er nog even tijd om te handelen maar de aangrijpmogelijkheden zijn aan het verdwijnen. De wereld bouwt nog volop energiecentrales op basis van fossiele grondstoffen, onze bedrijven verbruiken massaal energie en onze gebouwen zijn inefficiënt op dit gebied.  Zonder een gedurfde koersverandering zal de wereld verstrikt geraken in haar onveilig en inefficiënt energiesysteem met hoog koolstofgehalte. “Economische groei, vooruitgang en bevolkingsaangroei zorgen de komende tientallen jaren onvermijdelijk voor grotere energienoden. Maar we kunnen niet langer vertrouwen op een energieverbruik dat onzeker is en ecologisch niet duurzaam. Regeringen moeten echt  sterke initiatieven nemen om de investeringen in de richting te duwen van doeltreffende technologie met laag koolstofgehalte. Met het nucleair ongeval in Fukushima, de onrust in delen van het Midden-Oosten en Noord-Afrika alsook een scherpe heropleving van de energievraag in 2010 die de CO2 uitstoot naar recordhoogtes stuwde, wordt de urgentie en de omvang van de uitdaging duidelijk”, zeggen ze bij het IEA.

Het toekomstscenario van deze World Energie Outlook gaat er vanuit dat de huidige engagementen voorzichtig zullen uitgevoerd worden en komt daarbij tot de slotsom dat de basis energievraag tussen 2010 en 2035 met een derde zal toenemen. 90% van deze groei zal in niet-OESO landen worden gerealiseerd. China zal 's werelds grootste energieverbruiker blijven: tegen 2035 zal dit land bijna 70% meer energie verbruiken dan de VSA hoewel zelfs dan het verbruik per hoofd van de bevolking in China nog altijd niet de helft zal bedragen van het niveau per capita in de VSA. Het aandeel van de fossiele energiegrondstoffen in de globale energieconsumptie ligt vandaag op 81%, tegen 2035 zakt dit naar 75%, aldus de vooruitzichten van het IEA. Hernieuwbare energiebronnen verhogen hun aandeel van het huidige 13% naar 18% in 2035.

De dagelijkse petroleumvraag ligt in 2010 op 87 miljoen barrel en zal tegen 2035 stijgen naar 99 miljoen door de groei in de transportsector van de opkomende economieën. Passagiersvervoer zal verdubbelen. De hybride wagens en elektrische auto's zullen blijven vooruitgang boeken maar het is niet zeker dat ze zich echt in de markt zullen kunnen vestigen.

Steenkool heeft het afgelopen decennium meer dan de helft van de groei van de globale energievraag gedekt. Tegen 2035 stijgt het steenkoolgebruik met 65% ten opzichte van 2010. Bijna de helft van de wereldvraag voor steenkool is vandaag voor rekening van China. Ook hier kunnen heel wat technologische verbeteringen koolstof opvangen en opslaan maar dan zullen er een reeks betekenisvolle reguleringen, beleids en technische barrières moeten genomen worden.

Aardgas zit absoluut in de lift en zal het steenkoolgebruik zo goed als inhalen. Het land dat het meest van de stijging in aardgasgebruik zal kunnen profiteren is Rusland. Zal het echter de spreidstand aan kunnen houden als belangrijkste leverancier enerzijds van Europa en anderzijds van China en andere Aziatische landen? Met de nodige investeringen zou Rusland de eigen energie-efficiëntie kunnen opkrikken tot het niveau van de OESO-landen, waarmee het evenveel zou winnen als wat het vandaag exporteert.

Het IEA is duidelijk voorstander van nucleaire energie. Volgens de vooruitzichten zal de nucleaire productie met 70% toenemen tegen 2035, aangezien de meeste landen recent hun plannen hebben bevestigd hieromtrent. Mocht echter de productie bijvoorbeeld tot de helft herleid worden, zegt het rapport, dan zal de alternatieve energie een serieuze duw in de rug krijgen, maar anderzijds zal de energiefactuur toch stijgen en zal ook de strijd tegen de klimaatverandering duurder worden. Dit is een vrij gekende en wijd verspreide mainstream opvatting. Anderen zijn het daar absoluut niet mee eens. De vredesbeweging bijvoorbeeld verdedigt  volgende redenering. Ik citeer. Wil kernenergie niet rommelen in de marge maar een significante impact hebben op de wereldwijde CO2-besparing dan moet die toch minstens een derde van de elektriciteitsproductie kunnen leveren (een tweevoud van haar huidige aandeel) en daarvoor zouden meer dan 2500 nieuwe kerncentrales nodig zijn tegen 2075. Zelfs al zou een ambitieus nucleair constructie-programma onmiddellijk van start gaan, dan nog zouden de reducties van broeikasgassen pas merkbaar zijn binnen 15 tot 30 jaar, terwijl de meeste wetenschappers stellen dat we nog slechts 4 tot 10 jaar hebben om de toename van broeikasgassen een halt toe te roepen. Kernenergie is ook allesbehalve CO2 neutraal, met de uitstoot via de ontginning en verrijking van uranium, de constructie van kerncentrales, en de bewaring van afval voor duizenden jaren. Wanneer de totale levenscyclus van kernenergie bekeken wordt, dan presteert die slechter dan de meeste vormen van hernieuwbare energie, zelfs de meer geavanceerde vormen van warmtekoppeling en elektriciteitsproductie uit gas kunnen de vergelijking met kernenergie doorstaan. Met andere woorden, qua CO2-besparing zou kernenergie “too little, too late” zijn. De uitbreiding van de civiele nucleaire industrie ging in het verleden bovendien altijd hand in hand met de ontwikkeling van nucleaire wapens. Kernenergie verder blijven omarmen lijkt ons daarom zinloos én gevaarlijk: het heeft geen betekenisvolle invloed op de bestrijding van de broeikasgassen en verhoogt bovendien het gevaar op proliferatie van kernwapens. Einde citaat.

Volgens de vooruitzichten van de World Energy Outlook 2011 zal de cumulatieve CO2 uitstoot van de volgende 25 jaar overeenkomen met drie kwart van het totaal over de afgelopen 110 jaar. Hierdoor komen we tot een lange-temijn gemiddelde temperatuurstijging van 3.5 graden Celsius. Wil de wereld onder de 2 graden opwarming blijven dan mogen de emissies niet boven 450 CO2 deeltjes per miljoen stijgen. Vandaag zitten we aan  390 ppm. De huidige infrastructuur neemt 80% van het koolstofbudget voor zijn rekening. Tegen 2015 zal 90% ervan opgenomen worden door de energie en industriële infrastructuur. Tegen 2017 is er geen ruimte meer over: het totale koolstofbudget zal zijn ingevuld. De wetenschappers van het IEA menen dat de regeringen tijdens de conferentie in Durban eind 2011 echt zullen moeten handelen. “Indien we geen overeenkomst hebben die tegen 2017 effectief in werking is, dan is de kans om de opwarming tot twee graden Celsius te beperken, totaal verkeken, en voor altijd voorbij.”

steun ons

© 2019 vrede vzw - website by