Artikel
Paul Rogers
Printvriendelijke versie
Waarom voerde de Amerikaanse luchtmacht een show van machtsvertoon op begin mei?
B-1B bommenwerper, USAF - usaf.mil, Public Domain, Wikicommons.

Waarom voerde de Amerikaanse luchtmacht een show van machtsvertoon op begin mei?

Het coronavirus heeft de Amerikaanse vliegdekschepen nutteloos gemaakt, maar de langeafstandsbommenwerpers vliegen nog trots rond.

Nadat hij halsstarrig geïnsisteerd had dat COVID-19 aan het tanen was in de VS, moet de Amerikaanse president Donald Trump nu zijn woorden inslikken. Niet alleen breidt het virus zich verder uit, maar het versnelt ook in de staten die in het verleden op hem gestemd hebben.

Zijn belangrijkste basis wordt bedreigd net nu de presidentiële campagne op gang begint te komen voor de verkiezingen in het najaar. In het Midwesten en het Zuiden, in de staten Texas, Tennessee, Alabama, Kentucky en Noord- en Zuid-Dakota, en van steden tot dorpen, is de pandemie zich nu aan het verspreiden, niet in het minst in staten waar de gouverneurs het lockdown-advies van de federale regering negeerden of Trumps raad opvolgden en de initiële restricties versoepelden.

COVID-19 heeft al meer dan 95.000 dodelijke slachtoffers geëist in de VS, dat veruit het slechtst vaart van alle landen ter wereld. Er werden ook al 1,5 miljoen besmettingsgevallen geregistreerd. De tol is al veel hoger dan het aantal overlijdens van VS-militairen in Vietnam, Afghanistan, de Golfoorlog en de Irakoorlog samen. Het virus kostte het leven aan al meer dan 25 keer het aantal mensen dat omkwam in de aanslagen van 9/11. De situatie doet zeker vragen rijzen over de relevantie van de huidige Amerikaanse militaire macht.

Luchtmachtoperaties

Het Amerikaans leger heeft enige assistentie kunnen verlenen, met twee hospitaalschepen van de marine, ‘Mercy’ en ‘Comfort’, die toegewezen werden aan New York en Los Angeles. Onder de Amerikaanse bondgenoten waren er gelijkaardige, zij het kleinschalige reacties: de NAVO heeft de airlift van dringende apparatuur gecoördineerd, de luchtmacht van het Verenigd Koninkrijk (RAF) ging persoonlijke beschermingsmiddelen halen in Turkije, zelfs al bleken ze achteraf onbruikbaar te zijn en het Brits leger hielp een aantal noodhospitalen bouwen.

De Amerikaanse luchtmacht koos voor een normalere militaire benadering. Op het hoogtepunt van de crisis voerde ze een mondiale show van machtsvertoon op door te demonstreren dat het overal ter wereld doelwitten kan bombarderen.

In de eerste week van mei heeft de luchtmacht verschillende gecoördineerde operaties uitgevoerd, met zijn drie types van bommenwerpers. Op maandag 4 mei steeg eerst een B-1B bommenwerper op van een basis in Zuid-Dakota en vloog naar Europa in een zogenaamde ‘Bomber Task Force’-operatie. Drie dagen later vlogen twee B-2 stealth bommenwerpers en twee paar B-52’s van andere thuisbasissen naar de geografische gebieden van het VS-Europees Commando en het VS-Indo-Pacifisch Commando. Er werden nog tal van andere vliegtuigen ingezet ter ondersteuning, onder meer om brandstof bij te tanken. Er waren ook duizenden personeelsleden van de luchtmacht betrokken bij deze operaties in de basissen in Europa en de Stille Oceaan-regio.

Waarom?

Wat was het nut ervan? Het kan ten slotte geen positieve impact hebben gehad op het controleren van de pandemie, de ergste Amerikaanse binnenlandse crisis sinds generaties. Officiële bronnen gaven aan dat de manoeuvres de vijanden van de supermacht moesten verzekeren dat de VS nog zeer actief en capabel is, ondanks COVID-19. Zoals een bron bij de luchtmacht het stelde: “Deze dynamische ontplooiing van langeafstandsbommenwerpers en ondersteunende vliegtuigen demonstreerde het vermogen van de Verenigde Staten om gesynchroniseerde strategische afschrikking uit te voeren overal ter wereld met een parate dodelijke kracht”.

Ga iets dieper en twee andere motieven zijn veel aannemelijker voor deze operaties. De eerste is dat het tentoonspreiden van mondiale macht populair zal zijn bij Trump en de Republikeinen aangezien de strijd om het vastleggen en verdelen van het militair budget van volgend jaar er zit aan te komen. Dit tegen een achtergrond waarin alle budgetten onder grote druk zullen komen te staan na de enorme federale uitgaven als antwoord op de pandemie.

Een tweede reden is te tonen dat de luchtmacht COVID-19 kan aanpakken op een manier die de marine nu maar al te duidelijk niet kan. Rivaliteit over de mondiale reikwijdte van de twee is al lang een kenmerk van hun onderlinge rivaliteit – de langeafstandsbommenwerpers van de luchtmacht tegenover de gigantische drijvende luchtbasissen van de marine, de nucleaire vliegdekschepen die bijna overal in de wereld geraken. Maar deze paradepaardjes van de marine zijn verlamd door de pandemie. Twee van de tien Nimitz-klasse vliegdekschepen liggen buiten werking in havens in Guam en Japan wegens COVID-19. Een ander van deze schepen mag niet aanmeren in een Amerikaanse haven omwille van besmettingsgevaar en de ontplooiing van een vierde wordt opgehouden omdat bemanningsleden in quarantaine zitten. Vier vliegdekschepen worden momenteel gerenoveerd of gerepareerd en één is net terug van een zes maanden lange missie, waardoor er momenteel slechts een van de tien vliegdekschepen volledig geëquipeerd ontplooid is overzee, de USS Dwight D. Eisenhower in de Indische Oceaan.

Geen beter moment dus voor de luchtmacht om haar slagvaardigheid tentoon te spreiden. Een luchtmachtgeneraal wreef het extra in door te stellen: “De gezondheid van ons team was een topprioriteit van bij de start van onze COVID-reactie en is cruciaal voor het in stand houden van missies zoals de Bomber Task Force […] onze bondgenoten, partners en tegenstanders moeten er niet aan twijfelen dat we klaar, in staat en bereid zijn om af te schrikken en te verdedigen wanneer er een beroep op ons wordt gedaan.”

Als het op oorlogszaken aankomt, dan staat de rivaliteit met de marine zeer hoog op de agenda, net zoals het budget voor volgend jaar. Ergens lager op de lijst zou COVID-19 kunnen opduiken, maar reken er niet op.

Paul Rogers is professor in het departement Vredesstudies aan de Bradford University, in het noorden van Engeland.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op www.opendemocracy.net. Het werd vertaald en bewerkt door SVM.

steun ons

© 2020 vrede vzw - website by